Pages Navigation Menu

Spreekbuis van de Lateral Boys

Categories Navigation Menu

Ronald Hamming: De opkomst van een goalgetter

Ronald Hamming: De opkomst van een goalgetter

Naam: Ronald Hamming
Geboortedatum:
09-01-1973
Geboorteplaats:
Zeegse

 

 

 

 

 

Staat van Dienst (tot 28-04-2001):

Periode Club Trainers Wedstrijden Doelpunten
1979-1987 Tynaarlo ??
1987-1992 Achilles ’94 ??
1992-1995 FC Groningen* Verbeek, Westerhof, Vonk, Koevermans 46 12
1994-…. Fortuna Sittard Verbeek, Van Marwijk, Duut, Thijssen 172 75
Totaal 218 87

*Hamming kwam gedurende het seizoen 94/95 tussentijds over naar Fortuna Sittard

Wat was je eerste gedachte bij Fortuna Sittard op je 15e?

“Eigenlijk geen enkele. Ik heb wel vanaf mijn 6e gevoetbald. Eerst bij Tynaarlo, een club uit een dorpje in de buurt van Zeegse en daarna ben ik op mijn 14e naar Achilles ’94, een Hoofdklasser, gegaan. Vanaf mijn 18e speel ik dus betaald voetbal, eerst bij FC Groningen en nu bij Fortuna.”

Had je vroeger bij Tynaarlo en Achilles ’94 ook al een neusje voor doelpunten?

“Ja, ik heb altijd in de spits gespeeld, de ene keer als diepe spits en anders achter de diepste spits, en ik heb ook regelmatig mijn doelpunten meegepakt. Ik ben dus eigenlijk altijd al een scorende speler geweest.”

In november 1994 kwam je over van FC Groningen. Je gaf toen aan dat je een beetje opkeek tegen de overstap van het platteland naar de stad. Is het je meegevallen? En leg eens uit wat het verschil is tussen Born en Zeegse?

“Nou, het was niet echt een overstap van het platteland naar de stad. Ik woonde in die tijd wel nog bij mijn ouders en dan is het best wel een grote stap als je een behoorlijk stuk uit de buurt op jezelf gaat wonen. Je gaat dan niet even heen en weer, want het is drie uur rijden. Ik heb mij hier wel vanaf het begin thuis gevoeld. Een echt verschil tussen het Noorden en het Zuiden kan ik ook niet zomaar noemen, eigenlijk maakt het ook niet zoveel uit.”

Hoe ben je eigenlijk bij Fortuna terechtgekomen?

“Dat is eigenlijk heel simpel. Verbeek was mijn trainer geweest bij FC Groningen en hij vroeg mij of ik bij Fortuna wilde komen, omdat Fortuna toen maar twee spitsen had, Van der Weert en Vroomans. Ze konden nog wel een derde spits gebruiken. Ik heb het niet als een stap terug ervaren, ondanks dat FC Groningen in die tijd in de Eredivisie speelde, want ik speelde er lang niet altijd en bij Fortuna kreeg ik wel de kans om iedere week te spelen.”

Je hoort ondertussen bij het meubilair van Fortuna Sittard. Je hebt al heel wat collega’s in de spits gehad. Geef aan wat je is bijgebleven van: Roland Vroomans, Robert van der Weert, Michael Jeffrey, Phil Gray, Regillio Simons, Dennis Gerritsen, Matthew Amoah, Pascal Averdijk en Nenad Bjekovic.

“Het is moeilijk om dat voor alle namen specifiek aan te geven. Met bepaalde jongens heb ik natuurlijk prettig samengewerkt. Met name met Michael Jeffrey ging dat perfect en in die periode heb ik ook de meeste doelpunten gescoord. Ik denk dat ik ook goed zou kunnen samenspelen met Regillio Simons, omdat hij een heel ander type is dan ik ben. Hij is balvast en kopsterk.”

Je mooiste periode was uiteraard samen met Michael Jeffrey. Onlangs hebben wij een interview gedaan met Michael. Hij deed daar de volgende uitspraken over jou: jouw kracht was het afmaken, bovendien was je sterk met een verdediger in je nek. Het succes van jullie combinatie was dat jullie elkaar goed aanvulden, waarbij hij overigens het meeste werk deed. Ben je het daarmee eens en wat vond jij de kracht van Jeffrey?

“Hij is meer een spits die de hoeken induikt, om ballen vraagt en ballen kan vasthouden, waardoor andere spelers kunnen bijsluiten. Ik ben geen spits die de bal in de voeten moet krijgen. Ik ben meer een spits die de ruimte ingaat. Hierdoor lijkt het misschien dat hij harder werkt, omdat voor mij de afstand naar het doel kleiner is. Maar ik vind niet dat je dat zo kunt stellen, dat ik minder hard zou werken. Misschien is het een bewuste keuze van hem geweest om zo te spelen, omdat hij niet echt de koele afmaker was. Je moet natuurlijk wel weten wat je kwaliteiten zijn en omdat wij verschillende kwaliteiten hadden, vulden wij elkaar zo goed aan. Ik vind ook niet dat zijn kwaliteiten onderschat werden. Het scheelde natuurlijk wel een slok op een borrel als hij erbij was.”

Je hebt nu 75 competitiedoelpunten voor Fortuna gescoord, maar welke vind jij nu de mooiste?

“Dat zijn er eigenlijk twee. De lob over Dudek in De Kuip en de lob tegen Willem II thuis. Die tweede heb ik eigenlijk nooit mooi in beeld gezien, mede omdat het uit een vrij ongewone positie en op een onverwacht moment gebeurde. De belangrijkste doelpunten vond ik die twee tegen RBC thuis en de 3-2 destijds tegen RKC.”

Hou jij persoonlijke statistieken bij en ben jij er vanuit dit oogpunt mee bezig geweest dat je topscorer aller tijden van Fortuna kon worden?

“Nee, mijn persoonlijke statistieken hou ik helemaal niet bij. Ik zou bijvoorbeeld helemaal niet weten hoeveel wedstrijden ik exact heb gespeeld. Dat van die doelpunten wist ik wel, omdat het in de kranten had gestaan en een aantal mensen had mij erop gewezen voor aanvang van het seizoen.”

Wat weet jij van Engbersen, behalve dat hij de vorige alltime topscorer was?

“Het enige dat ik weet, is dat hij spits was. Ik heb zelfs geen idee welk type speler hij was.”

We leggen Ronald uit dat Hans Engbersen een bonkige spits was en dat hij van 1976 tot en met 1979 en daarna nog in het seizoen 1980-1981 voor Fortuna heeft gespeeld en dat hij goed was voor gemiddeld 18,5 competitiedoelpunten per seizoen. Ronald knikt vervolgens instemmend en met een blik van bewondering.

In je eerste seizoen bij Fortuna heb je ook wel eens vanuit het middenveld gespeeld. Op welke posities kun jij zoal uit de voeten? En wat vind jij zelf dat je sterke en minder sterke punten zijn?

“Ik kom het best tot mijn recht in een twee spitsen systeem. Niet in een drie spitsen systeem, omdat ik niet de ballen van de zijkanten moet krijgen. Verder denk ik dat ik ook in een middenveld met een ruitvorm kan spelen en dan op de plaats met de punt naar voren, aanvallende middenvelder. Mijn sterke punten zijn dat ik sterk voor de goal ben, goed positie kies en een neusje voor doelpunten heb. Meevoetballen kan nog beter, hoewel het al een stuk beter gaat. Daarnaast is verdedigend koppen bij mij niet zo best, mede omdat ik niet echt lang ben. Het koppen op doel en gericht koppen valt wel mee.”

Aan welke trainer bewaar je de beste herinneringen en waarom?

Bert van Marwijk. Hij zei vanaf zijn eerste werkdag dat ik zijn eerste spits was en ik heb vrijwel alles onder hem gespeeld. Hij heeft een goede uitstraling en op tactisch gebied waren zijn trainingen heel goed. Bovendien raakt hij nooit in paniek.”

Je bent Fortuna altijd trouw gebleven, ook na je topseizoen (1998-1999), toen er interesse was van bijvoorbeeld RC Genk. Heb je nooit de behoefte gehad om te verkassen of vind jij dat je het maximale uit je carrière hebt gehaald?

“Het maximale weet je natuurlijk nooit, daarover kun je pas oordelen als je die overstap eens hebt gemaakt. Er was inderdaad wat vage belangstelling, niet concreet, want ik ben zelf nooit door een andere club benaderd geworden in dat seizoen. Genk werd inderdaad genoemd, verder nog een paar Engelse clubs en een Spaanse, maar nogmaals, dat was via makelaars, zelf heb ik nooit iets concreets gehoord. Bovendien had ik het hier goed naar mijn zin en vond ik dat er nog vooruitgang bij Fortuna mogelijk was.”

Vrijwel ieder seizoen in je Sittardse periode belandde je voor korte of langere tijd op de bank, ondanks het feit dat je toch regelmatig je doelpunten scoort. Heb je enig idee waarom al die trainers jou wel eens passeerden? Roulatiesysteem?

“Niet echt roulatiesysteem. Er zijn natuurlijk wedstrijden geweest waarin ik niet scoorde en ook niet goed speelde en dan heb je aan mij niet zoveel. En als een derde of vierde spits dan goed in vorm is, lijkt dat dan ook een logische keuze. Bij verdedigers speelt zoiets bijvoorbeeld minder, want zij draaien meestal een constanter seizoen dan een spits, die vaker grillig is. Het was bijvoorbeeld logisch dat ik niet in de basis stond in de bekerfinale. Ik kwam terug van een blessure en had een aantal weken niet gespeeld en getraind. Je wilt wel graag spelen, maar Regillio (Simons, FO) draaide in die periode als een tierelier en daarom was er uiteraard ook geen reden om hem te passeren. Die wedstrijd op zich was natuurlijk een grote teleurstelling, omdat we na een kwartier al 2-0 achter stonden. Wat ik wel heel mooi vond, waren al die supportersbussen die toen meegingen.”

Onder Verbeek kwam het zelfs zover dat je bijna werd verkocht aan Veendam. Dat zou volgens ons de grootste blunder ooit zijn geweest. Hoe dichtbij was die overgang eigenlijk?

“Ik ben zelf naar het noorden gereden en heb een gesprek gehad met Henk Nienhuis (directeur Veendam, FO) en we hebben zelfs onderhandeld. Toen hij wegging, zei ik tegen mijn zaakwaarnemer Edwin Olde Riekerink dat ik het best zag zitten om weer iedere week te kunnen gaan spelen bij Veendam. Verbeek zag mij niet staan, hoewel ik aan de lopende band scoorde in het tweede. Toen ik thuis kwam, heb ik ook tegen mijn vriendin gezegd dat we de koffers konden gaan pakken en dat we terug konden gaan naar het noorden, omdat ik een telefoontje verwachtte dat alles goed zou komen met Veendam. Ik hoorde echter niks en de volgende dagen hoorde ik dat men nog bezig was. Uiteindelijk is het niet doorgegaan, maar waarom weet ik ook niet. Of het de afkoopsom is geweest? In ieder geval niet mijn salaris, want daarover waren we het al eens. De juiste hoogte van de afkoopsom weet ik niet.”

Ook het publiek heeft je wel eens laten vallen als een baksteen. Heb je zelf een verklaring voor dat soms wegvallende vertrouwen? En raakt je dat?

“Ik heb het zelf maar één keer meegemaakt. Dat was dit seizoen bij de thuiswedstrijd tegen De Graafschap. Ik speelde toen niet goed en werd toen uitgefloten. Dat heeft mij wel geraakt, ja. Dat deed pijn.”

De laatste 4 seizoenen heeft Fortuna een lastige eerste seizoenshelft doorgemaakt, om vervolgens in de tweede seizoenshelft het naderende onheil steeds weer af te wenden. Enige stabiliteit in de prestaties zou geen kwaad kunnen. Wat moet er volgens jou veranderen om dit te realiseren?

“We moeten ervoor zorgen dat we de selectie op peil hebben vanaf de voorbereiding en niet zoals de laatste jaren waarin we halverwege het seizoen nog spelers moesten gaan halen, omdat we kwaliteit tekort kwamen. Het moet natuurlijk wel zo zijn dat op dat moment de juiste spelers voorhanden zijn, je moet niet gaan kopen om te kopen.”

Leg uit waarom Fortuna niet degradeert. Wat gebeurt er trouwens voor jou persoonlijk als dat onverhoopt wel gebeurt?

“Ik heb wel het gevoel dat we het gaan redden, of dat rechtstreeks is of via de nacompetitie, weet ik niet. Na de thuiswedstrijd tegen NEC stonden wij op de 15e plaats en drie punten los en De Graafschap moest nog naar Feyenoord. Vervolgens winnen die twee wedstrijden op rij en ze hebben bovendien een beter doelsaldo en een gemakkelijker programma met de thuiswedstrijden tegen NEC, NAC en RKC voor de boeg. Het wordt voor ons dan ook moeilijk om ons rechtstreeks te handhaven, maar wij gaan zeker proberen om het te halen door in ieder geval de punten in de thuiswedstrijden proberen te behalen. Ik zie wel op tegen de nacompetitie tegen die Eerste Divisieclubs, maar je moet er toch gewoon doorheen. We zullen met deze selectie alles uit de kast halen om ons te handhaven. Het zijn lastige wedstrijden en het zal kantje boord worden, maar ik blijf van mening dat we het gaan halen.”

Wat vind jij van de omgang van de spelers van Fortuna met supporters?

“Ik vind dat dat wel goed is.”

Topsport en doping. Hoe sta je daar tegenover?

“Ik denk dat het in de voetballerij nauwelijks voorkomt. Ik ben zelf gecontroleerd na de uitwedstrijd tegen Sparta en had er toen wel moeite mee. Het wordt nu wel weer actueel door de gevallen van Couto en Davids, maar je weet dat je elke wedstrijd gecontroleerd kan worden en dan is het gewoon dom als je gepakt wordt. Je hebt er gewoon niet veel aan om doping te nemen.”

Wat zijn je hobby’s?

“Tennissen vind ik heel leuk en daarnaast golf ik wel eens. Dat ik golf, is vooral gekomen door Arno van Zwam.”

Wat wil je na je carrière op maatschappelijk gebied gaan doen?

“Ik heb mavo en mds gedaan, dus ik denk iets in de detailhandel. In ieder geval geen trainer worden, dat zie ik niet zitten.”

Welk recent nieuwsbericht houdt je het meest bezig en waarom?

“Die MKZ-gevallen, omdat het elke dag in het nieuws is. Ook waar ik vandaan kom, speelt dat heel erg. Het is verschrikkelijk om te zien dat er dan hele familiebedrijven kapot gaan. Daarnaast heeft het indruk op mij gemaakt wat er in Volendam gebeurd is, maar dat is al iets langer geleden.”

Heb jij een internetaansluiting?

“Ja.”

Wat vond je van dit interview?

“Leuk.”

Naschrift Fortuna Online: Na het interview praten we nog even na met Ronald. Op een gegeven moment komt de ontspanningsruimte van de spelers, waar dit interview ook is gehouden, ter sprake. Wij van Fortuna Online vinden deze ruimte wel erg klein en schamel. Er staat slechts een speelautomaat en verder is er een televisie met slechts ontvangstmogelijkheden voor Nederland 1, 2 en 3. Voor een club op eredivisieniveau een gemiste kans, temeer als je dit afzet tegen de faciliteiten elders in het nieuwe stadion. In de Baandert waren er duidelijk meer verpozingmogelijkheden voor de spelers die tussen de trainingen op het stadion bleven.

HD/RW